25 oktober: Fieldlab Industrial Robotics over het ontwikkelen van skills programma’s

‘Gezien de schaarste aan technisch personeel, is het heel belangrijk dat bedrijven de scholen in gaan!’

Het Smart Industry Fieldlab Industrial Robotics (IR) in Harderwijk is in 2017 opgericht met als doel om het gebrek aan ‘robot’ kennis in de arbeidsmarkt te verkleinen. We spraken met Rik Grasmeijer van Fieldlab Industrial Robotics, een van de koplopers in het organiseren van gecertificeerde skills-programma’s, over hun successen, uitdagingen en hun aanbevelingen voor andere Fieldlabs. Grasmeijer: ‘Je raakt de mbk’er als er een pas afgestudeerde student binnenloopt die zegt, doe je het hier nog met de hand? Dat doen we zelfs op school met een robot!’

1. Wat is in één zin het doel van Fieldlab Industrial Robotics?
‘Industriële robotica op de kaart krijgen bij onderwijsinstellingen door het ontwikkelen van kennis en materiaal en zorgen dat opleidingen er mee in aanraking komen.’

2. Waarom is dat zo belangrijk?
‘We doen al bijna 40 jaar industriële robotisering en toch zijn er nog steeds te weinig mensen met de juiste kennis beschikbaar op de arbeidsmarkt. En dat terwijl bij bedrijven steeds meer de wens en noodzaak bestaat om automatisering met robots toe te passen. We hebben door de jaren heen al veel kennis opgedaan, maar weinig is vastgelegd in onderwijsprogramma’s. Ook zijn er geen eenduidige richtlijnen over wat iemand, die zichzelf robotprogrammeur noemt, nu kan. Je moet je voorstellen hoe lastig dat is voor iemand van een afdeling HRM om iemand met de juiste skills aan te nemen. Heb je namelijk een tweedaagse cursus gehad bij een fabrikant, of heb je een zes jaar lange en universitaire opleiding gevolgd, beiden kunnen zich robotprogrammeur noemen? Een systeem, dat inzichtelijk maakt op welk niveau mensen zijn opgeleid, maakt dit veel makkelijker. Wat dat betreft is robotisering eigenlijk nog een ‘achterlijk’ vakgebied: waar veel bedrijven nog steeds dezelfde fouten maken. Er wordt wel gekeken naar hoe het nog mooier, beter of exotischer kan, maar geen empirisch onderzoek naar best practices, om vervolgens generieke kennis te ontwikkelen. Daar willen wij verandering in brengen.’

3. Hoe is het Fieldlab IR ontstaan?
‘Eigenlijk uit een praktische noodzaak. Piet Mosterd, mede-eigenaar van AWL Techniek, merkte zelf hoe lastig het was om goede robotprogrammeurs te vinden. AWL is met 700 medewerkers een prominente leverancier van gerobotiseerde productiesystemen in automotive. Het heeft inmiddels een eigen 100 dagen opleiding tot robotprogrammeur, en het leek Piet een goed idee om de researchruimte van AWL met robots ook beschikbaar te stellen voor scholen. ‘Zo kon, wat wij hier doen, ook worden uitgedragen aan de BV Nederland.’

4. Wat gebeurt er in het Fieldlab?
‘Wij richten ons met Stichting Fieldlab Robotics op drie aspecten: kennis ontwikkelen, kennis vermenigvuldigen en kennis borgen in gecertificeerde opleidingen voor mbo’s en hbo’s. Uiteindelijk willen we dat die kennis in heel Nederland beschikbaar komt. We halen goede voorbeelden op bij onze partners/koplopers en laten dat middels onderwijs bij bedrijven binnenstromen. In het Fieldlab hebben we robots staan, kunnen we bedrijven en scholen ontvangen, die kunnen testen, ontwikkelen en uitproberen. Ook organiseren we workshops, symposia en ‘de dag van robotica’ voor studenten en bedrijven. De zalen zitten vol, ook met ondernemers.’

5. Hoe hebben jullie de skills programma’s ontwikkeld?
‘We geloven in een leven lang leren en daarom hebben we opleidingen ontwikkeld, waarbij de deelnemer zelf gecertificeerd wordt. We zijn gestart met een vmbo kennismakingsmodule Robotica. We hebben verschillende programma’s op mbo- en hbo-niveau gerealiseerd. Op mbo-niveau ontwikkelden we het keuzedeel Industriële Robotica. Dit keuzedeel heeft een doorlooptijd van tien weken. Inmiddels hebben tien deelnemers dit traject afgerond en op dit moment volgen nu 80 studenten deze module. Het keuzedeel start dit jaar vier keer en wordt ook in een avondvariant voor werknemers aangeboden. Na het volgen van het keuzedeel kan de student opgaan voor het certificeringsexamen voor de functie van Robotic Coördinator.

Daarnaast hebben we samen met hogeschool Windesheim een AD (Associated degree) opleiding: Industriële Automatisering en Robotica ontwikkeld, waarin nu 22 studenten voor twee jaar het traject volgen (twee jaar lang een dag in de week: vier modules). Aan het einde van deze periode kunnen de studenten opgaan voor het certificeringsexamen voor Robotic Technician. Binnen het hbo hebben we nu contact met drie lectoraten van verschillende hbo-instellingen: Windesheim, Saxion en met de HAN. We werken nu samen aan de ontwikkeling van een onderzoeksprogramma en zoeken nog financiële middelen om programma’s te realiseren.

Inmiddels is er op Windesheim een succesvolle minor robotisering gestart, waarbij hbo-studenten een goede basis krijgen. We willen er naartoe werken dat ook deze opleiding aansluit bij het certificeringsniveau van Robotic Engineer. Enthousiastelingen kunnen toekomstig doorgaan naar een masteropleiding waarbij het accent ligt op het ontwerp van complexe gerobotiseerde productiesystemen. Dit is het niveau van de Robotic Systems Engineer.

Gemiddeld organiseren we jaarlijks vier tot zes workshops, een symposium en de “dag van de Robotica” voor studenten en werknemers van bedrijven. Wij vinden het belangrijk dat er altijd studenten bij betrokken zijn.

6. Hoe borgen jullie de kwaliteit van deze opleidingen?
Conform ISO/IEC 17024 persoonscertificering hebben we een structuur opgezet, waarmee we de vier functieprofielen met bijbehorende competenties actueel houden. Hierin hebben we een examencommissie, een commissie van deskundigen en een commissie van belanghebbenden die met elkaar de eisen aan de benodigde vakbekwaamheid voor de certificeringen actueel houden.
Het grote voordeel van deze vorm van persoonscertificering is dat het een internationaal erkende certificering is. Daarbij is er een periodieke her-certificering (3-5 jaar). Dit past uitstekend bij snel veranderende gebieden zoals de robotisering en geeft het eveneens een goede invulling aan ‘een leven lang leren’.

7. Wat zijn de uitdagingen van Fieldlab IR?
Het opleiden van docenten is van cruciaal belang. De opleidingen hebben meerdere docenten nodig en het opleiden van deze docenten is wel eens lastig gezien de schaarste die er is aan technische docenten. Daarnaast is het echt belangrijk om zo snel mogelijke de neuzen dezelfde kant op krijgen: Je moet heel snel de slag maken naar een bedrijfsvraagstuk, en niet het programmeren van de robot centraal te stellen. Het gaat immers om de inzet van robotica in het productieproces en niet om inzet van robotica om menselijke handelingen te reduceren.

Wat betreft de activiteiten van het Fieldlab gaat er veel tijd zitten om aan de financiële middelen te komen, er is te veel administratieve last wat echt zonde is van kostbare tijd en kennis. Een centrale organisatie met enige sturing zou hierbij alle Fieldlabs kunnen ondersteunen met bijvoorbeeld een landelijke subsidiedesk.

8. Fieldlab IR is op het gebied van skills-programma’s één van de koplopers binnen de Fieldlabs, wat hebben jullie ervaren als succesfactoren?
‘Het hebben van een belangrijke ambassadeur die deuren opent, is essentieel. Bij ons is dat Piet Mosterd, die met zijn grote netwerk één van de drijvende krachten is achter het Fieldlab. Een andere succesfactor is: leer van elkaar, ga niet zelf het wiel uitvinden. Als er Fieldlabs zijn die opleidingen willen gaan certificeren, neem dan even contact met ons op, want eerdergenoemde persoonscertificering past ook prima bij thema’s als 3D printen, cybersecurity en andere smart industry vakgebieden. Dat verandert ook elke 5 jaar.’

9. Hebben jullie nog tips voor andere Fieldlabs die skills programma’s willen ontwikkelen?
‘Vergeet niet bij de ontwikkeling van opleidingen dat je ook docenten moet opleiden, wat tijd kost. Besef je hierbij dat de druk in het onderwijs erg hoog is. Het Fieldlab heeft een beperkte rol in deze opleidingen. Docenten kunnen dit veel beter. Wij hebben ervaren dat het goed werkt om docenten een docentstage geven, waarbij je ze niet alleen laat kijken bij bedrijven, maar ook gaat trainen en een bedrijfsvraagstuk laat oplossen. Anders gaan ze er te onbevangen heen.’

Wij hebben nu succesvol ervaring met het ontwikkelen van persoon gecertificeerde opleidingen, deze kennis willen we graag met andere Fieldlabs delen. Met elkaar moeten we er ook voor zorgen dat de Smart Industry Skills programma’s van een bepaalde kwaliteit zijn, met ruimte voor regionale invulling. Er is nu versnippering en dat levert een risico op voor een wildgroei aan opleidingen.