Cromvoirtse is leverancier van metaal op maat in Oisterwijk. Metalenplaten worden gesneden en in verschillende vormen gebogen. Door innovatie en automatisering is het bedrijf een voorloper in de metaalbewerkingsindustrie. Janwillem Verschuuren is één van de directeuren: ‘Wij willen ervoor zorgen dat de klant niet hoeft te investeren in dure machines, materiaal en mensen. Zij kunnen daardoor concurreren met grote bedrijven in de maakindustrie.’

1. Hoe maakt Cromvoirtse gebruik van de nieuwste technologieën en digitalisering?

‘In 2012 hebben wij geïnvesteerd in een vol automatisch magazijn met 900 palletplaatsen. Platen metaal worden op de machine gelegd. Daar worden ze gesneden en in het magazijn opgeslagen. Dat doet een robot. Er blijven altijd restanten over. Die worden herkend en opgeslagen. Op het moment dat we weer materiaal moeten snijden, wordt gekeken of we dat weer kunnen gebruiken. Het afval beperken we tot een minimum. Ook dit gebeurt vol automatisch.’

2. Wat zijn voordelen?

‘Kwaliteit, snelheid en arbeidsvriendelijkheid. Onze machines draaien 24 uur per dag door. Vroeger gebeurde alles met de hand. Op maandagmorgen heb je frisse medewerkers, maar op vrijdagmiddag wordt alles zwaarder. Dan is het werk minder secuur. Alle acties die meerdere keren per dag gedaan moeten worden, willen we automatiseren. Sinds 2008 ontwerpen klanten zelf een technische tekening en uploaden deze op onze website. Wij berekenen binnen twee minuten de prijs. Daarna is het product met één muisknop besteld. Vroeger kwamen klanten met tekeningen naar ons. Die moesten wij overtekenen. Dat betekent tijd en kans op fouten.’

3. Wat zijn nadelen?

‘Innovatie en verbeterprocessen kosten veel tijd. Wij moeten de platen ook kanten. Dat is het zetten van het metaal in bepaalde vormen; van bakjes tot radiatorkasten. Er is nog geen goede oplossing om dat te automatiseren. Het is wel mogelijk bij grote series, maar bij kleine aantallen is dat nog niet interessant. Het apart programmeren duurt langer dan het met de hand buigen. Wij kijken al een paar jaar naar een oplossing. Samen met de partners TNO, TU Eindhoven en KU Leuven, die wij via Smart Industry leerden kennen, komen we wel steeds dichterbij.

4. Hoe neem je bepaalde onzekerheden weg voor oudere medewerkers die bang zijn dat ze niet mee kunnen komen?

‘Het is al moeilijk genoeg om aan mensen te komen. Op dit moment hebben wij vier vacatures. Ik heb niet het idee dat mensen bang zijn om hun baan te verliezen. Je merkt bij digitalisering dat mensen mee moeten met de nieuwste techniek. Mensen die al heel lang bij ons werken groeien mee. We leiden mensen op, maar oudere mensen binnenhalen en op niveau krijgen is lastig. Omscholen is vaak de enige oplossing.’

5. Tip voor andere ondernemers?

‘Innovatie en digitalisering hebben ervoor gezorgd dat wij vooroplopen op de concurrentie. Wij hebben nooit een standaardmachine gekocht. Elke machine wordt precies aangepast aan onze wensen. Wij willen gewoon alles uit de machine halen. Digitale samenwerking is ook een must. Klanten hoeven niet meer naar ons te reizen, maar sturen hun technische tekening digitaal op. Dat scheelt zoveel tijd en geld.’

6. Hoe kan de overheid helpen?

‘Ten eerste standaardisatie. In de metaalindustrie heeft een materiaal vaak meerdere namen. Ieder bedrijf gebruikt van oudsher zijn eigen benaming. Dat zorgt voor verwarring en fouten. De overheid kan helpen bij het standaardiseren. We praten daar al over met TNO. Ten tweede faciliteren. Een machine ontwikkelen kost tijd en geld. Je bent lange tijd bezig met testen. Dat zijn extra ontwikkelkosten. Een deel daarvan zouden we graag gesubsidieerd krijgen. Wij stellen onze bevindingen daarna vrij beschikbaar voor iedereen.’

Website